Column Lanaken

Column HBVL – Deel 5

Edgard de Caritat de Peruzzis

Het voelt goed om een historicus te zijn in Lanaken, en zeker niet te vergeten ook in alle deelgemeenten. Via allerlei kanalen zie ik mensen documenten, foto’s, prentkaarten en verhalen over vroeger en nu met elkaar delen. Zij die dit doen wil ik nu al bedanken. Want hoe groot een rijksarchief ook mag zijn, de geschiedenis van de gemeente start bij ons, inwoners van Lanaken.

Een zeer bekend verhaal uit die geschiedenis is dat van Edgard de Caritat de Peruzzis. Ik mocht al enkele weetjes en foto’s in mijn mailbox (info@historicusrob.be) ontvangen en ik hoop dat de stroom van informatie blijft komen. Maar aan de andere kant merk ik ook dat er nog veel onduidelijkheden en misverstanden de ronde doen. Hoe zat dat nu eigenlijk met de burgemeester van Lanaken en zijn verzet tijdens de Eerste Wereldoorlog?

Eerst en vooral moet je weten dat Edgard de Caritat niet de enige was die het de Duitse vijand moeilijk maakte. De Belgische overheid had bij het uitbreken van de oorlog generaal Deschepper uit pensioen geroepen om een geïmproviseerd leger in Limburg op de been te brengen. Dit leger bestond uit gendarmen, soldaten en oorlogsvrijwilligers. Edgard de Caritat was er één van. De taken die hij moest vervullen waren informatieve opdrachten.

Onze burgemeester stond in rechtstreeks contact met generaal Deschepper en via de telefoon, telegraaf en tenslotte per postduif hield Edgard de Caritat de legerleiding op de hoogte van vijandelijke troepenbewegingen. Want die waren er wel. De Duitsers wisten goed genoeg dat er groepjes soldaten en oorlogsvrijwilligers in de Limburgse bossen en gemeenten verscholen zaten. Daarom reden de Huzaren en Ulanen uitvoerig op verkenning rond.
Dit mondde geregeld uit in gewapende conflicten, ook in Groot-Lanaken. Hoogstwaarschijnlijk deed de burgemeester hier zelf niet aan mee, maar waarschuwde hij wel de brigades van Deschepper wanneer vijanden in de buurt waren.

Edgard de Caritat maakt het de Duitsers moeilijker en moeilijker, tot op een gegeven moment de Kommandantur in Tongeren besluit om het verzet in Limburg te breken. Voor Lanaken betekende dit de beschieting van de kerk en het in brand steken van tientallen huizen, waaronder dat van de familie de Caritat. Gelukkig waren vrouw en kinderen in veiligheid gebracht. Zij vonden onderdak in het neutrale Maastricht.

De jacht op de burgemeester was echter geopend en pas enkele dagen na de beschieting van Lanaken konden de Duitsers hem dodelijk verwonden. Nog voor zijn lichaam wordt opgeëist, smokkelt men het naar Maastricht waar een eerste, druk bezochte, begrafenis volgt.

Onder het oog van honderden, zo niet duizenden, toeschouwers, wordt het lichaam van Edgard de Caritat op Pinkstermaandag 1919 terug naar Lanaken gebracht. Zijn graf is nu nog altijd te bezoeken op het gemeentelijk kerkhof.

Op 7 oktober 2014 kun je misschien eens aan deze man denken, want dan is het 100 jaar geleden dat hij stierf. Hij was iemand die zijn job als burgemeester, zijn bezittingen, zijn familie én zijn eigen leven op het spel zette om zijn vaderland te verdedigen. En dat bewonder ik. Want jezelf wegcijferen voor een ander, zelfs al kost het je leven, lijkt me het moeilijkste wat er is.

Helaas kan ik hier niet alle details van dit verhaal vertellen. Ik zou anders enkele pagina’s van deze krant moeten vullen. Jullie kunnen echter meer lezen op mijn aparte pagina over Edgard de Caritat de Peruzzis.

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *

15 − nine =